Statuten en huishoudelijk reglement

Op 13 juni 2018 zijn tijdens de ALV de statuten gewijzigd en goedgekeurd. Zie de akte van de statutenwijziging.


NAAM EN ZETEL

Artikel 1.

  1. De vereniging draagt de naam: Welzijnsvereniging Villandry.
  2. De vereniging is gevestigd te 's-Hertogenbosch.


DOEL

Artikel 2.

  1. De vereniging heeft ten doel: het aan de gewone leden en de leden van verdienste, alsmede aan de gezinsleden verstrekken van hulp en bijstand in de meest ruime zin ingeval van ziekte casu quo lichamelijke en/of geestelijke hulpbehoevendheid, en voorts al hetgeen met één of ander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin des woords.
  2. De vereniging tracht haar doel te bereiken door:
  3. a. het verstrekken van geldelijke bijdragen in de kosten verband houdende met de ziekte en/of aandoening waaronder de kosten van (para-)medische begeleiding en bijstand, (thuis-)verzorging en verpleging, alsmede de kosten van voorzieningen en huisvesting en de kosten van opname in een herstellingsoord, rusthuis of een andere instelling van intramurale zorg;
  4. b. het verstrekken van adviezen;
  5. en voorts door het aanwenden van alle andere wettige middelen welke voor het bereiken van het gestelde doel nuttig of nodig worden geacht.


VERENIGINGSJAAR

Artikel 3.

Het verenigingsjaar valt samen met het kalenderjaar.


LIDMAATSCHAP

Artikel 4.

  1. De vereniging kent:
    a. gewone leden;
    b. ereleden;
    c. leden van verdienste.
    Waar in deze statuten over het lidmaatschap respectievelijk leden wordt gesproken, worden daaronder -met uitzondering van de gezinsleden- alle categorieën van een lidmaatschap respectievelijk leden verstaan, tenzij het tegendeel blijkt.
  2. Gewoon lid van de vereniging kunnen slechts zijn:
    a. personen die, ten tijde van de toetreding als lid, een dienstverband hebben met een vervoeronderneming of een daaraan gelieerde onderneming. Het bestuur bepaalt welke ondernemingen als zodanig worden aangemerkt;
    b. personen die, ten tijde van de toetreding als lid, geen dienstverband hebben met een vervoersonderneming of een daaraan gelieerde onderneming, maar waarvan een eerder lidmaatschap van de vereniging niet langer dan drie (3) jaar geleden is beëindigd anders dan door achterstallige contributie of royement. Indien een eerder lidmaatschap langer dan drie (3) jaar geleden is beëindigd beslist het bestuur over toetreding.
    In het huishoudelijk reglement zijn nadere voorwaarden gesteld aan het lidmaatschap van deze personen.;
    c. weduwen en weduwnaars van de onder 2.a. en 2.b. genoemde leden;
    d. partners van overleden leden die blijkens een bij notariële akte verleden samenlevingsovereenkomst bij leven duurzaam samenwoonden en een gemeenschappelijke huishouding voerden met de onder 2.a. en 2.b. genoemde leden voorzover zij zich als lid aanmelden binnen twaalf (12) maanden na het overlijden van het lid.
    Het bestuur kan besluiten dat de hulpverlening/voorzieningen voor leden welke (voor langere tijd) in het buitenland verblijven, afwijkt van die voor de leden welke in Nederland woonachtig zijn.
  3. Zij die als gewoon lid willen toetreden moeten zich schriftelijk bij het bestuur aanmelden. Het bestuur beslist omtrent de toelating. Bij niet toelating door het bestuur kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.
    Slechts gewone leden zijn leden in de zin van de wet.
  4. Ereleden zijn zij, die wegens hun buitengewone verdiensten jegens de vereniging of in het kader van de doelstelling van de vereniging op voorstel van het bestuur, als zodanig door de algemene vergadering zijn benoemd en die geen gewoon lid zijn.
  5. Lid van verdienste zijn gewone leden, die wegens hun buitengewone verdiensten jegens de vereniging of in het kader van de doelstelling van de vereniging op voorstel van het bestuur, als zodanig door de algemene vergadering zijn benoemd.
  6. Gezinsleden zijn:
    a. de echtgenote of de echtgenoot van het lid van de vereniging;
    b. de inwonende kinderen, stief- en pleegkinderen in de leeftijd van nul tot achttien jaar;
    c. de kinderen, stief- en pleegkinderen in de leeftijd van twaalf tot achttien jaar, die in verband met het ontvangen van onderwijs of het aanleren van een vak niet bij de ouders inwonen;
    d. de partner die blijkens een daartoe opgemaakt notarieel samenlevingscontract tenminste twee jaar duurzaam met het lid van de vereniging samenwoont.
  7. Het bestuur houdt een register, waarin de namen en adressen van alle leden zijn opgenomen. De leden zijn verplicht adreswijzigingen onverwijld aan het bestuur mede te delen.

CONTRIBUTIE

Artikel 5.

  1. Gewone leden zijn verplicht tot betaling van een jaarlijkse contributie, vast te stellen door de algemene vergadering. Zij kunnen in categorieën worden ingedeeld, die een verschillende contributie betalen.
  2. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van contributie te verlenen.

EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP, SCHORSING

Artikel 6.

  1. Het lidmaatschap eindigt:
    a. door de dood van het lid, met dien verstande dat het lidmaatschap van personen als bedoeld in artikel 4 lid 2 sub a en b overgaat op de weduwe casu quo weduwnaar van het betreffende lid tenzij deze binnen zes (6) maanden na het overlijden schriftelijk aan het bestuur te kennen heeft gegeven geen lid te willen zijn, als gevolg waarvan het lidmaatschap van het overleden lid geacht wordt te zijn geëindigd bij de dood van het lid;
    b. door opzegging door het lid;
    c. door opzegging door de vereniging;
    d. door ontzetting.
    Voorts kunnen de lidmaatschapsrechten van een lid voor bepaalde tijd worden opgeschort een en ander zoals hierna in dit artikel bepaald.
  2. Opzegging van het lidmaatschap door het lid (anders dan in artikel 6 lid 1 sub a bedoeld) kan slechts schriftelijk geschieden tegen het einde van het verenigingsjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken, met dien verstande dat:
    a. een lid zijn lidmaatschap met onmiddellijke ingang kan opzeggen binnen één maand nadat hem een besluit is meegedeeld tot omzetting van de vereniging in een andere rechtsvorm of tot fusie;
    b. een lid zijn lidmaatschap met onmiddellijke ingang kan opzeggen binnen één maand nadat een besluit, waarbij zijn rechten zijn beperkt of zijn verplichtingen andere dan de verplichtingen van geldelijke aard zijn verzwaard, hem is bekend geworden of medegedeeld; het besluit is alsdan niet op hem van toepassing.
  3. Opzegging van het lidmaatschap door de vereniging, een erelidmaatschap uitgezonderd, geschiedt schriftelijk door het bestuur; opzegging van een erelidmaatschap geschiedt schriftelijk door de algemene vergadering. Deze kan geschieden wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten voor het lidmaatschap te voldoen, wanneer hij zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren. Opzegging als in dit lid bedoeld geschiedt met onmiddellijke ingang.
  4. Een opzegging in strijd met het bepaalde in lid 2, doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip, volgende op de datum waartegen was opgezegd.
  5. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het bestuur. Deze kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt. Ontzetting doet het lidmaatschap met onmiddellijke ingang eindigen.
  6. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd.
  7. Het bestuur kan besluiten een lid te schorsen. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot beëindiging van het lidmaatschap, eindigt door het verlopen van die termijn. Gedurende de schorsing kan een lid de aan het lidmaatschap verbonden rechten niet uitoefenen met dien verstande dat een geschorst lid toegang heeft tot de vergadering waarin het besluit tot schorsing wordt behandeld, alsmede daarover het woord te voeren.
  8. Van een besluit als in lid 3 en 5 voormeld wordt het betreffende lid ten spoedigste schriftelijk, met opgave van redenen, in kennis gesteld. Hem staat binnen één maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit, beroep op de algemene vergadering open. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst, met dienverstande evenwel dat het geschorste lid het recht heeft zich in de algemene vergadering, waarin het in dit lid bedoelde beroep wordt behandeld, te verantwoorden.

RECHTEN EN VERPLICHTINGEN VAN ERELEDEN EN LEDEN VAN VERDIENSTE

Artikel 7.

Ereleden en leden van verdienste hebben geen andere rechten en plichten dan die hun bij of krachtens de statuten of het huishoudelijk reglement zijn toegekend en opgelegd.


HET BESTUUR

Artikel 8.

  1. Het bestuur bestaat uit een oneven aantal van tenminste vijf en ten hoogste negen bestuurders. De benoeming geschiedt door de algemene vergadering uit de gewone leden behoudens het bepaalde in lid 2.
    Het aantal bestuurders wordt vastgesteld door de algemene vergadering.
  2. De benoeming van bestuurders geschiedt uit één of meer bindende voordrachten, behoudens het hierna bepaalde.
    Tot het maken van zulk een voordracht zijn zowel het bestuur alsmede tenminste tien gewone leden bevoegd.
    De voordracht van het bestuur wordt bij de oproeping voor de algemene vergadering meegedeeld.
    Een voordracht door tien of meer gewone leden moet tenminste tien dagen vóór de aanvang van de algemene vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend.
    Aan elke overdracht kan het bindend karakter worden ontnomen door een met tenmiste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen genomen besluit van de algemene vergadering.


DUUR, EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP, SCHORSING

Artikel 9.

  1. Elke bestuurder treedt uiterlijk drie jaar na zijn benoeming af volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreden. De aftredende bestuurder is aansluitend onbeperkt herbenoembaar. Wie in een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster van aftreden de plaats van zijn voorganger in.
  2. Een bestuurder houdt op bestuurder te zijn door:
    a. het eindigen van zijn lidmaatschap van de vereniging;
    b. zijn schriftelijk bedanken;
    c. het verlies van het vrije beheer over zijn eigen vermogen;
    d. door het verstrijken van de tijd waarvoor hij is benoemd; en e. het verlies van de hoedanigheid op grond waarvan hij is benoemd.
  3. Bij ontstentenis of belet van een bestuurder zijn de overige bestuurders met het bestuur belast. Indien één of meer bestuurders ontbreken, vormen de overgebleven bestuurders een bevoegd bestuur tenzij het aantal overgebleven bestuurders minder bedraagt dan het aantal vacatures. Het bestuur is verplicht binnen drie maanden een algemene vergadering bijeen te roepen om in de vacature(s) te voorzien.
  4. Elke bestuurder, ook wanneer hij voor een bepaalde tijd is benoemd, kan te allen tijde door de algemene vergadering worden ontslagen of geschorst. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.

BESTUURSFUNCTIES EN BESLUITVORMING VAN HET BESTUUR

Artikel 10.

  1. De voorzitter wordt door de algemene vergadering in functie gekozen. Het bestuur benoemt uit zijn midden een secretaris en een penningmeester, en zodanige andere functionarissen als het wenselijk acht. Iedere bestuurder kan meer dan één functie bekleden.
  2. Het bestuur vergadert zo dikwijls de voorzitter of een andere bestuurder zulks wenst.
  3. In vergadering kunnen slechts besluiten worden genomen indien tenminste de helft van de bestuurders aanwezig is. Een bestuurder kan zich ter vergadering niet laten vertegenwoordigen. Het bestuur kan ook buiten vergadering (schriftelijk) besluiten, mits alle bestuurders zich omtrent het desbetreffende voorstel schriftelijk hebben uitgesproken, waaronder begrepen per elektronische gegevensdrager.
  4. Alle bestuursbesluiten worden genomen met volstrekte meerderheid van stemmen.
  5. Van het verhandelde in elke vergadering worden door een door de voorzitter van het bestuur aan te wijzen persoon notulen opgesteld, die na vaststelling door het bestuur door de voorzitter en de secretaris worden ondertekend.
  6. Het in de vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter omtrent de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voorzover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
    Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van dit oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid van de vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
  7. Het bestuur is bevoegd uit zijn midden een dagelijks bestuur in te stellen en de taken van het dagelijks bestuur vast te stellen.
  8. Het dagelijks bestuur bestaat tenminste uit de voorzitter, de secretaris en de penningmeester.
    Voor de wijze van besluitvorming en van vergadering van het dagelijks bestuur is het hiervoor ten aanzien van het bestuur bepaalde van overeenkomstige toepassing.

BESTUURSTAAK EN BEVOEGDHEID

Artikel 11.

  1. Het bestuur is belast met het besturen van de vereniging. Het bestuur kan als zodanig een of meer van zijn bevoegdheden, mits duidelijk omschreven, aan anderen verlenen. Degene die aldus bevoegdheden uitoefent, handelt in naam en onder verantwoordelijkheid van het bestuur.
  2. Erfstellingen mogen slechts worden aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving.
  3. Het bestuur is bevoegd rechtshandelingen aan te gaan en overeenkomsten te sluiten, waaronder ondermeer is begrepen de bevoegdheid van het bestuur te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen alsook tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een ander verbindt.

VERTEGENWOORDIGING

Artikel 12.

  1. De vereniging wordt vertegenwoordigd door het bestuur. Voorts kan de vereniging worden vertegenwoordigd door twee tezamen handelende bestuurders.
  2. Het bestuur kan besluiten tot het verlenen van volmacht aan één of meer bestuurders alsook aan derden, om de vereniging binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen. Het bestuur kan voorts besluiten aan gevolmachtigden een titel te verlenen.
  3. Het bestuur zal van het toekennen van doorlopende vertegenwoordigingsbevoegdheid opgave doen bij het handelsregister van de Kamer van Koophandel.


JAARVERSLAG REKENING EN VERANTWOORDING

Artikel 13.

  1. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging en van alles betreffende de werkzaamheden van de vereniging, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat te allen tijde de rechten en verplichtingen van de vereniging kunnen worden gekend.
  2. Het bestuur brengt op een algemene vergadering binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering, zijn jaarverslag uit over de gang van zaken in de vereniging en over het gevoerde beleid. Het legt de balans en de staat van baten en lasten met een toelichting ter goedkeuring aan de algemene vergadering over. Deze stukken worden ondertekend door de bestuurders; ontbreekt de ondertekening van een of meer van hen, dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt. Na verloop van de termijn kan ieder lid van de gezamenlijke bestuurders in rechte vorderen dat zij deze verplichtingen nakomen.
  3. Omtrent de getrouwheid van de stukken zal aan de algemene vergadering een verklaring afkomstig van een accountant als bedoeld in artikel 2:393 lid 1 Burgerlijk Wetboek worden overlegd.
  4. Het bestuur is verplicht de in de leden 1 en 2 bedoelde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers gedurende zeven jaren te bewaren.

ALGEMENE VERGADERING

Artikel 14.

  1. Jaarlijks, uiterlijk zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt een algemene vergadering de jaarvergadering gehouden.
    In de jaarvergadering komen onder meer aan de orde:
    a. het jaarverslag en de rekening en verantwoording bedoeld in artikel 13, alsmede de begroting voor het komende verenigingsjaar;
    b. voorziening in eventuele vacatures;
    c. voorstellen van het bestuur of de individuele leden, aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering;
    d. vaststelling van de contributie;
    e. verstrekken van informatie over wijzigingen in de vergoedingsregeling.
  2. Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt danwel in de gevallen waarin dat op grond van de wet of de statuten vereist is.
  3. Indien de vereniging eenduizend (1.000) of meer gewone leden kent, is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste eenhonderd (100) gewone leden verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier (4) weken. Indien de vereniging minder dan eenduizend (1.000) gewone leden kent is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste een zodanig aantal gewone leden als bevoegd is tot het uitbrengen van één/tiende gedeelte der stemmen, verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken.
    Indien aan een verzoek als bedoeld in de vorige twee volzinnen binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan overeenkomstig artikel 15 of bij advertentie in ten minste één ter plaatse waar de vereniging gevestigd is veelgelezen dagblad.

WIJZE BIJEENROEPEN EN TOEGANG

Artikel 15.

  1. De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur. De oproeping geschiedt schriftelijk aan de adressen van de leden, volgens het ledenregister danwel door middel van publikatie in een periodiek van de vereniging of in de personeelsbladen van de ondernemingen waarbij de leden werkzaam zijn. De termijn van oproeping bedraagt tenminste vier weken.
  2. Bij de oproeping worden de op de vergadering te behandelen onderwerpen vermeld.
  3. Toegang tot de algemene vergadering hebben alle niet geschorste leden en bestuurders van de vereniging een en ander met inachtneming van het bepaalde in artikel 6 lid 8.
  4. Over toelating van andere dan de hiervoor bedoelde personen beslist de algemene vergadering.

STEMRECHT EN BESLUITVORMING

Artikel 16.

  1. In vergaderingen hebben alle niet geschorste gewone leden stemrecht. Ieder zodanig gewoon lid kan één stem uitbrengen.
    Ieder gewoon lid is bevoegd zijn stem te doen uitbrengen door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander gewoon lid. Ieder lid kan slechts voor één volmachtgever een stem uitbrengen.
  2. Besluiten worden genomen bij volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen, tenzij in deze statuten anders is bepaald.
    Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
  3. Indien de stemmen staken over een ander voorstel dan de benoeming van personen, is het voorstel verworpen.
  4. Stemming over zaken geschiedt mondeling tenzij de vergadering met volstrekte meerderheid van stemmen een schriftelijke stemming verlangd. Stemming over personen geschiedt schriftelijk tenzij de algemene vergadering met unanimiteit van stemmen besluit tot een mondelinge stemming.
  5. Indien bij een benoeming van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming (tussen de voorgedragen kandidaten) plaats.
  6. Heeft alsdan weer niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats, totdat hetzij één persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken.
  7. Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen de personen, op wie bij de voorafgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de persoon, op wie bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht.
  8. Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt, op wie van die personen bij de nieuwe stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht.
  9. Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen.
  10. 5. Het ter algemene vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter, dat door de vergadering een besluit is genomen, is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel. 6. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van dit oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid van de vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.

VOORZITTERSCHAP NOTULEN

Artikel 17.


De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur. Ontbreekt de voorzitter dan treedt één der andere bestuurders door het bestuur aan te wijzen als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelve.

  1. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris of een ander door de voorzitter daartoe aangewezen persoon notulen gemaakt, die na vaststelling door de algemene vergadering door de voorzitter en de notulist worden ondertekend. Op verzoek ontvangt een lid een exemplaar van de notulen.
  2. Indien een vergadering met inachtneming van het bepaalde in artikel 14 lid 3 van deze statuten op verzoek van leden wordt bijeengeroepen, kunnen degenen die om de vergadering hebben verzocht anderen dan bestuursleden belasten met de leiding van de vergadering en het opstellen van de notulen.

COMMISSIES

Artikel 18.

  1. Het bestuur kan één of meerdere commissies instellen en opheffen.
  2. Het bestuur stelt de taak en de bevoegdheden van de commissies vast.
  3. De leden van de commissies worden benoemd en ontslagen door het bestuur, al dan niet uit zijn midden.

HUISHOUDELIJK REGLEMENT VAN DE STATUTAIR TE UTRECHT GEVESTIGDE VERENIGING:

Welzijnsvereniging Villandry

INLEIDING

Algemene bepalingen

  1. Dit reglement is opgesteld ingevolge artikel 19 van de statuten van de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid: Welzijnsvereniging Villandry.
  2. Dit reglement is een aanvulling op, en uitwerking van, bepalingen zoals opgenomen in toepasselijke wet- en regelgeving en de statuten van de Vereniging.
  3. In dit reglement hebben de volgende begrippen de daarachter vermelde betekenis: algemene vergadering betekent het orgaan van de vereniging dat in Titel 2 van Boek 2 Burgerlijk Wetboek wordt aangeduid als algemene vergadering, tenzij uit de context blijkt dat het een vergadering van de algemene vergadering betreft. bestuur betekent het bestuur van de Vereniging; bestuurder betekent een lid van het bestuur; dagen betekent alle dagen van een week en derhalve niet uitgezonderd algemeen erkende feestdagen of daarmee op grond van de Algemene termijnenwet gelijkgestelde dagen; dienstverband betekent een arbeidsovereenkomst tussen een persoon en een openbaar vervoeronderneming op grond waarvan de betreffende persoon werkzaamheden voor die onderneming verricht (anders gezegd: de betreffende persoon is in loondienst bij die onderneming). gelieerde onderneming betekent een rechtspersoon met een doelstelling die - ter beoordeling van het bestuur - vergelijkbaar of complementair is aan de doelstelling van een rechtspersoon die een openbaar vervoeronderneming uitoefent. (huishoudelijk) reglement betekent een (huishoudelijk) reglement van de Vereniging; leden / lid betekent de gewone leden, ereleden en leden van verdienste, tenzij anders vermeld. schriftelijk betekent een bericht dat is overgebracht bij brief, e-mail of enig ander elektronisch communicatiemiddel, mits het bericht leesbaar en reproduceerbaar is; statuten betekent de statuten van de Vereniging; Vereniging betekent de vereniging waarvan de interne organisatie wordt beheerst door deze statuten, te weten de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid: Welzijnsvereniging Villandry, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 30178236. verenigingsbureau betekent de werkorganisatie van de Vereniging die onder meer is belast met de ledenadministratie van de Vereniging, respectievelijk de rechtspersoon die daarmee op verzoek van het bestuur is belast, een en ander met inachtneming van het bepaalde in artikel 11 lid 1 van de statuten.
  4. Verwijzingen naar artikelen zijn verwijzingen naar artikelen van het huishoudelijk reglement, tenzij uitdrukkelijk anders aangegeven. Met verwijzingen in het huishoudelijk reglement naar ‘hij’ wordt tevens bedoeld te verwijzen naar ‘zij’. Met verwijzingen in het huishoudelijk reglement naar ‘zijn’ (anders dan als werkwoord) of ‘hem’ wordt tevens bedoeld te verwijzen naar ‘haar’.

HOOFDSTUK I AANMELDING LIDMAATSCHAP EN CONTRIBUTIE

Aanmelding lidmaatschap

Artikel 1.

  1. Een verzoek tot aanmelding als lid geschiedt door middel van een aanmeldingsformulier.
    Dit aanmeldingsformulier kan worden verkregen:
    a. via de website van de Vereniging;
    b. telefonisch, via het verenigingsbureau.
  2. Op het aanmeldingsformulier dienen tenminste de volgende gegevens kenbaar te worden gemaakt:
    a. naam, adres, telefoonnummer en mailadres van de verzoeker;
    b. de datum waarop het lidmaatschap moet ingaan;
    c. de openbaar vervoer- of daaraan gelieerde onderneming waarmee verzoeker een dienstverband heeft, respectievelijk waar de overleden echtgenoot/echtgenote/partner van verzoeker een dienstverband had;
    d. indien het een lidmaatschap als bedoeld in artikel 4 lid 2 sub b. van de statuten betreft:
    i. de datum waarop het eerdere lidmaatschap is beëindigd;
    ii. de reden waarom het eerdere lidmaatschap is beëindigd;
    iii. de reden waarom een hernieuwd lidmaatschap wordt verzocht. Het oud-lid dient een betalingsbewijs van vroegere lidmaatschap te overleggen of - ter uitsluitende beoordeling door het bestuur - het eerdere lidmaatschap op andere wijze aannemelijk te maken. Indien het verzoek tot een hernieuwd lidmaatschap uitsluitend is gericht op de verwachting van het ontstaan van (ziekte)kosten, wordt de verzoeker niet tot het lidmaatschap toegelaten.
  3. Na toelating wordt aan de verzoeker tot het lidmaatschap schriftelijk een bewijs van lidmaatschap toegezonden.
  4. Ieder lid is onderworpen aan de statuten en reglementen. Een digitale of papieren versie van de statuten en het huishoudelijk reglement worden op verzoek toegezonden aan een lid of aan een verzoeker tot het lidmaatschap. Het vergoedingsreglement en beleggingsstatuut worden op verzoek uitsluitend toegezonden aan een lid.
  5. De leden zijn verplicht bij verandering van (mail)adres en/of dienstverband daarvan onmiddellijk opgaaf te doen bij het verenigingsbureau. Contributie.

Artikel 2.

  1. De leden - met uitzondering van zij die voor één januari tweeduizend dertien zijn benoemd tot erelid - zijn contributie verschuldigd als bedoeld in artikel 5 van de statuten. Zij zijn gehouden de contributie aan de Vereniging binnen zes weken na ontvangst van de contributienota te voldoen.
  2. Als de contributie niet binnen de in lid 1 gestelde termijn wordt voldaan volgt een herinnering. Wordt ook dan de contributie nog niet voldaan dan volgt een laatste herinnering waarin het betrokken lid in gebreke wordt gesteld. De Vereniging heeft vanaf dat moment het recht incassomaatregelen te treffen, dan wel derden hiermee te belasten. Alle met de incasso van gedeclareerde bedragen gevoerde gerechtelijke en/of buitengerechtelijke incassokosten komen ten laste van het betrokken lid. De buitengerechtelijke incassokosten worden vastgesteld conform de Wet normering buitengerechtelijke incassokosten en het bijbehorende Besluit.
  3. Het niet betalen van nog verschuldigde contributie is voor het bestuur grond tot opzegging van het lidmaatschap van het betreffende lid. Een lid van wie het lidmaatschap op grond van deze bepaling is opgezegd, kan weer als lid worden toegelaten wanneer deze de contributieschuld heeft voldaan. Het staat het bestuur vrij om de toelating te weigeren op grond van het betaalgedrag van het lid gedurende de jaren dat hij lid is geweest.
  4. Bij uitzondering kan aan een lid op zijn of haar schriftelijk en gemotiveerd verzoek, door het bestuur van de Vereniging gehele of gedeeltelijke vrijstelling worden verleend van de contributie voor het lopende jaar.
  5. Leden die in de loop van het kalenderjaar tussentijds lid worden, ontvangen een factuur voor het resterende jaar.
  6. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een kalenderjaar eindigt, blijft het lid gehouden de financiële verplichtingen uit zijn lidmaatschap tot het tijdstip van de beëindiging van het lidmaatschap na te komen, tenzij het bestuur anders besluit.

HOOFDSTUK II HET BESTUUR

Kandidaatstelling

Artikel 3.

  1. Iedere vacature in het bestuur wordt - eventueel vergezeld van een profielschets - per gewone post, per mailbericht en/of via de website van de Vereniging door het verenigingsbureau aan de leden bekend gemaakt. Indien van toepassing wordt tevens aangegeven of de aftredende bestuurder zich kandidaat stelt voor een herbenoeming. De bekendmaking gaat vergezeld van een aankondiging van de termijnen betrekking hebbende op het stellen van kandidaten om in de betreffende vacature te voorzien.
  2. Kandidaten kunnen binnen de aangekondigde termijn hun interesse in de vacature in de vorm van een kandidaatstelling schriftelijk kenbaar maken bij het verenigingsbureau. Daarbij dienen de volgende gegevens/documenten te worden gevoegd:
    a. het curriculum vitae (inclusief personalia) van de betreffende kandidaat, waarop al diens lopende nevenfuncties staan vermeld;
    b. een bereidverklaring van de betreffende kandidaat;
    c. een lijst met daarop vermeld ten minste tien namen en de handtekeningen van leden die de kandidaatstelling van de betreffende kandidaat ondersteunen.
  3. Naast de kandidaatstelling als omschreven in lid 3 van dit artikel, kan een kandidaat op voorstel van het bestuur worden voorgedragen. De betreffende kandidaat dient eveneens de documenten als bedoeld in lid 2 sub a. en b. van dit artikel te overleggen.
  4. Het verenigingsbureau zorgt voor het opstellen van een lijst waarop alle kandidaten staan vermeld die zich kandidaat hebben gesteld. Deze lijst vormt een bijlage bij de oproeping voor de algemene vergadering waarin de voorgenomen bestuurswijziging ter besluitvorming aan de leden wordt voorgelegd,
  5. Tijdens de algemene vergadering als bedoeld in lid 4 van dit artikel wordt de voordracht in stemming gebracht,
  6. Iedere bestuurder is gehouden bij aanvang van diens bestuurslidmaatschap een zogenaamde “verklaring aanvaarding bestuursfunctie” te ondertekenen, een en ander conform het model dat daartoe door het bestuur is vastgesteld. Openbaarheid en belangenverstrengeling.

Artikel 4.

  1. Iedere bestuurder betracht openheid over diens eventuele nevenfuncties voor zover deze van belang zijn voor en mogelijk van invloed op diens functioneren als bestuurder. Eventuele nevenfuncties van bestuurders worden vermeld in het bestuursverslag als bedoeld in artikel 13 lid 2 van de statuten.
  2. Iedere bestuurder zorgt ervoor, dat er geen strijdigheid ontstaat tussen persoonlijke belangen en de belangen van de Vereniging. Ook elke schijn van belangenverstrengeling tussen de Vereniging en een bestuurder zelf wordt vermeden.
  3. Bestuurders behalen persoonlijk geen voordelen uit transacties of andere handelingen die zij namens de Vereniging verrichten. Evenmin verstrekken zij of bieden zij oneigenlijke voordelen aan personen met wie zij transacties namens de Vereniging verrichten. Openheid en verantwoording

Artikel 5.

  1. Het bestuur draagt er zorg voor, dat de activiteiten van de Vereniging bestuurlijk, juridisch, organisatorisch en financieel goed geregeld zijn, inzichtelijk zijn en verantwoord worden.
  2. Het bestuur legt hierover verantwoording af aan de algemene vergadering en de hoofdzaken worden vermeld in het bestuursverslag en de jaarrekening.
  3. Het bestuur biedt openheid over het beleid, en de prestaties van de Vereniging. Het bestuur legt ten aanzien van degenen die het aangaat, verantwoording af en staat bij de beleidsvoorbereiding en -uitvoering open voor de opvattingen van betrokken belanghebbenden. Bestuursaansprakelijkheidsverzekering

Artikel 6.
Het bestuur sluit een bestuursaansprakelijkheidsverzekering af. De kosten komen voor rekening van de Vereniging.


HOOFDSTUK III COMMISSIES

Commissies

Artikel 7.

  1. Een lid van een commissie wordt door het bestuur benoemd en ontslagen. Ook bestuurders kunnen deel uitmaken van een commissie.
  2. Het bestuur kan bepaalde eisen stellen aan de kwalificatie van commissieleden. Indien het bestuur kwalificatie eisen op toekomstige commissieleden wil toepassen, draagt zij er zorg voor dat deze vereisten worden opgenomen in het profiel voor potentiële commissieleden van de betreffende commissie.
  3. Het verenigingsbureau voert voor alle commissies het secretariaat, kan als adviseur optreden en uitvoerende werkzaamheden verrichten.
  4. Commissieleden kunnen aanspraak maken op reis- en verblijfkosten. Indien een commissie naast reis- en verblijfkosten aanspraak wenst te maken op andere vergoedingen en budgetten ten behoeve van haar activiteiten, legt zij hiertoe een voorstel voor aan het bestuur. Het bestuur beslist vervolgens over toe- of afwijzing van het verzoek. Indien het verzoek wordt afgewezen, motiveert het bestuur haar beslissing.
  5. Ieder bestuurder is gerechtigd een commissievergadering bij te wonen. Het bestuur als geheel wordt steeds uitgenodigd om een commissie vergadering bij te wonen. De uitnodiging tot het bijwonen van een commissievergadering bevat tevens de agenda voor die vergadering.

HOOFDSTUK IV ONKOSTENREGELING BESTUURDERS EN COMMISSIELEDEN

Onkostenregeling

Artikel 8.

  1. Bestuurders en de leden van door het bestuur in te stellen commissies, kunnen recht hebben op vergoeding van de door hen in uitoefening van hun functie (in redelijkheid) gemaakte kosten.
  2. Een overzicht van de voor vergoeding in aanmerking komende kosten die door bestuurders en commissieleden uit hoofde van hun functie worden gemaakt, worden - op voorstel van het bestuur - vastgesteld door de algemene vergadering.

HOOFDSTUK V VERGOEDINGSREGELING

Vergoedingsregeling

Artikel 9.



  1. De hulp, voortvloeiend uit de in artikel 2 van de statuten vermelde doelstelling, wordt gegeven volgens de richtlijnen en voorwaarden van de daarvoor opgestelde vergoedingsregeling zoals vastgelegd in het vergoedingsreglement als bedoeld in artikel 19 lid 5 van de statuten.
  2. Het vergoedingsreglement wordt vastgesteld door het bestuur. Ieder lid is gerechtigd tot het doen van een wijzigingsvoorstel ten aanzien van de inhoud van de vergoedingsregeling. Het bestuur is niet verplicht deze op te volgen. Het bestuur legt van zijn beslissing verantwoording af aan de leden in de algemene vergadering.
  3. Wijzigingen c.q. een aanvulling op de vergoedingsregeling wordt de leden schriftelijk met een wijzigings- c.q. aanvullingsblad op de vergoedingsregeling ter kennis gebracht. Een eventuele vooraankondiging geschiedt op de in artikel 14 lid 1 van de statuten genoemde jaarvergadering.
  4. Eerst na verloop van een periode van twaalf maanden te rekenen vanaf de aanvang van het lidmaatschap kan een beroep worden gedaan op de voorzieningen van de vergoedingsregeling. Gemaakte kosten die betrekking hebben op de periode voor het einde van de wachttijd komen aldus niet voor vergoeding in aanmerking.
  5. De wachttijd van twaalf maanden is niet van toepassing indien het lidmaatschap is aangevangen binnen zes maanden na de indiensttreding bij een tot de doelgroep behorende onderneming. De wachttijd van twaalf maanden is evenmin van toepassing indien binnen twaalf maanden na het overlijden van een lid sprake is van voortzetting van het lidmaatschap door de nagelaten betrekking zoals genoemd in artikel 4 lid 2 sub c. en d. van de statuten. Het bestuur kan besluiten tot wijziging of teniet doen van de wachttijd (dit zou bijvoorbeeld het geval kunnen zijn bij overname van rechten en plichten van een bestaand ander fonds).
  6. Indien sprake is van een hernieuwd lidmaatschap na beëindiging van een eerder lidmaatschap, heeft het betreffende lid vanaf de datum van het (nieuwe) lidmaatschap, en na ontvangst van de contributie, weer recht op een vergoeding op basis van de vergoedingsregeling. Het recht op vergoedingen geldt in dat geval niet voor behandelingen die reeds waren ingegaan voor de datum van het (nieuwe) lidmaatschap. Indien het oud-lid is overleden dient voor "het oud-lid" gelezen te worden "de partner van het oud-lid".
  7. Om gerechtigd te zijn tot verkrijging van een voorziening ingevolge de vergoedingsregeling moet het lid eerst de mogelijkheden tot het verkrijgen van een vergoeding bij de zorgverzekeraar, overheid, sociale (bedrijfs) fondsen en dergelijke hebben benut.
  8. Het bestuur kan de uitvoering van de vergoedingsregeling overdragen aan een speciaal daartoe ingestelde commissie en/of het verenigingsbureau. De uitvoering omvat het gehele proces dat daarmee verband houdt.
  9. De aanvrager van een verzoek tot vergoeding wordt zo spoedig mogelijk op de hoogte gesteld of het verzoek al dan niet (gedeeltelijk) wordt ingewilligd.
  10. Indien een lid zich niet kan verenigen met een genomen besluit dan kan hij binnen een termijn van vier weken nadat hem de beslissing is meegedeeld bij het bestuur in beroep gaan. Het bestuur beslist vervolgens binnen een termijn van twee maanden en tegen dat besluit is geen hoger beroep mogelijk.

HOOFDSTUK VI FINANCIËN

Bankrekeningen van de Vereniging en beleggingsstatuut

Artikel 10.


  1. Bankrekeningen worden aangehouden bij een door het bestuur aan te wijzen bank. De aan te wijzen bank dient een naar objectieve maatstaven bepaalde, goede “rating” te hebben.
  2. Het bestuur is belast met de financiën van de Vereniging.
  3. In een beleggingsstatuut wordt nader vastgelegd op welke wijze met de geldmiddelen van de Vereniging wordt omgegaan. Het bestuur stelt dit beleggingsstatuut op, dat vervolgens dient te worden vastgesteld door de algemene vergadering.


HOOFDSTUK VII LEDENRAADPLEGING

Algemene ledenraadpleging

Artikel 11.



  1. Het bestuur kan zowel zelfstandig als op verzoek van de algemene vergadering een ledenraadpleging houden. Dit houdt in dat het bestuur aan de leden in de vorm van een peiling verzoekt kenbaar te maken hoe over een bepaald onderwerp wordt gedacht. Een ledenraadpleging ziet uitsluitend op onderwerpen die - ter beoordeling van het bestuur - in algemene zin het strategisch beleid van de Vereniging betreffen.
  2. Een ledenraadpleging geschiedt in principe via de website van de Vereniging, tenzij het bestuur anders besluit. 3. Met een ledenraadpleging als omschreven in dit artikel wordt uitdrukkelijk niet bedoeld een referendum als omschreven in artikel 39 lid 2 Burgerlijk Wetboek.

HOOFDSTUK VIII SLOTBEPALINGEN

Wijziging reglement

Artikel 12.

Voor wijziging van dit huishoudelijk reglement is vereist dat: a. ten minste veertien dagen voor de algemene vergadering een afschrift van het voorstel waarin de voorgestelde wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe ge¬schikte plaats - waaronder tevens wordt verstaan het ledendeel van de website alsmede ten kantore van de Vereniging - voor de leden ter inzage te liggen tot na afloop van de dag, waarop de vergadering wordt ge¬houden; b. het voorstel wordt aangenomen met een meerderheid van ten minste twee derde van de geldig uitge¬brachte stemmen. Interpretatie statuten en reglementen

Artikel 13.


  1. In geval van onduidelijkheid of verschil van mening over de betekenis van enige bepaling uit de statuten en reglementen is het oordeel van het bestuur daaromtrent beslissend.
  2. Het bestuur tracht daarbij te achterhalen wat bij het opstellen en/of wijzigen van de betreffende bepaling is beoogd en daarnaast welke uitleg naar redelijkheid en billijkheid in de gegeven omstandigheden in de context van de statuten en reglementen van de Vereniging aan de betreffende bepaling moet worden gegeven. Partiële nietigheid.

Artikel 14.

Indien een of meer bepalingen van dit reglement ongeldig zijn of worden tast dit de geldigheid van de overblijvende bepalingen niet aan. Vaststelling reglement.

Artikel 15.

Dit reglement is vastgesteld door de algemene vergadering in zijn vergadering van 8 juni 2016.